De belasting op buitenlandse roerende inkomsten, de fiscus zet (gelukkig) een stap terug

Problematiek
 
Een tijdje geleden nam de federale belastingdienst een nogal verrassend standpunt in ten aanzien van de vaststelling van het netto-inkomen wanneer buitenlandse roerende inkomsten rechtstreeks in het buitenland worden ontvangen (en niet op een Belgische bankrekening). Hoewel dit blijkbaar slechts een interne (en dus ongepubliceerde) instructie was, lijkt het erop dat de administratie deze al bij tal van fiscale controles toepaste.
 
Deze kwestie betreft een situatie die bij veel Belgen bekend is: de dubbele belastingheffing op buitenlandse dividenden. Meer concreet, wanneer een Belgische belastingplichtige buitenlandse dividenden (of interesten) ontvangt, is hij in het algemeen eerst onderworpen aan buitenlandse belastingen en vervolgens aan 30% Belgische roerende voorheffing.

Ofwel worden de buitenlandse roerende inkomsten (waarop reeds buitenlandse belasting werd geheven) ontvangen op een Belgische bankrekening en heft de Belgische bank tevens 30% Belgische roerende voorheffing, ofwel worden deze ontvangen op een buitenlandse rekening en zal de belastingplichtige deze moeten aangeven in zijn aangifte in de personenbelasting (zodat deze onderworpen is aan de Belgische belasting).
 
Neem bijvoorbeeld het geval van een Belgische belegger die een aandelenportefeuille in de Verenigde Staten bezit en die een dividend van 100 euro op zijn Amerikaanse bankrekening ontvangt: hij zou slechts 49 euro netto ontvangen! Hij zal immers in de VS op de 100 euro aan een eerste belasting van 30% onderworpen worden en nadien aan een tweede belasting van 30% in België op de resterende 70 euro (d.w.z. 100 euro min 30% belasting). Om een dergelijke belasting te vermijden, heeft België met de Verenigde Staten een overeenkomst ter voorkoming van dubbele belasting gesloten waarbij de Amerikaanse roerende voorheffing wordt verlaagd tot 15% voor Belgische individuele beleggers. Dankzij de toepassing van het verlaagde belastingtarief van 15% zal het ontvangen nettodividend hoger zijn. Voor elke 100 euro aan Amerikaanse dividenden houdt de Belgische belegger 59,50 euro netto over (in plaats van 49 euro). De belastingbesparing kan dus soms aanzienlijk zijn.
 
Administratieve instructie 2019/I/45
 
In een instructie van 26 september 2019 had de administratie enkele nieuwe regels vastgesteld ingeval de belastingplichtige rechtstreeks buitenlandse roerende inkomsten ontvangt op zijn buitenlandse bankrekening met bronheffing. In werkelijkheid betekende dit dus enkel ingeval de dividenden (of rente) moeten worden opgenomen in de aangifte in de personenbelasting (2e hypothese supra).


De Belgische fiscus was van mening dat het aan te geven bedrag in de personenbelasting niet het dividend was dat daadwerkelijk werd ontvangen na de aftrek van de buitenlandse belasting, maar veeleer het dividend dat de Belgische belastingplichtige had kunnen krijgen indien hij (de buitenlandse fiscus) het verdragstarief had toegepast, zelfs indien hij (de belastingplichtige) geen verzoek tot terugbetaling had ingediend bij de buitenlandse autoriteiten. Met andere woorden, in de administratieve instructie werd bepaald dat het netto belastbaar inkomen niet werd vastgesteld op basis van het daadwerkelijk geheven tarief, maar op basis van een fictief tarief (d.w.z. het toepasselijke tarief na afloop van een procedure tot terugvordering).
 
Intrekking - Administratieve circulaire 2020/C/96
 
Na talrijke discussies tussen belastingspecialisten en meer bepaald over de kwestie van de wettigheid van een dergelijke instructie, publiceerde de administratie op 9 juli 2020 een circulaire. Daarin erkende zij dat de belasting voortaan enkel verschuldigd is over het bedrag dat de Belgische belastingplichtige effectief heeft ontvangen. De belasting zal dus niet verschuldigd zijn over een theoretisch bedrag na een eventuele (lange en ingewikkelde) procedure tot terugvordering in het kader van een dubbelbelastingverdrag.
 
Dit is een wending die duidelijk in het voordeel van de belastingbetaler is en die alleen maar kan worden bijgetreden.
 
Aarzel niet om contact op te nemen indien u meer informatie wenst.

 
Olivier Doms - Jurist fiscalist bij Pareto
29/12/2020

Schenken of nalaten aan een goed doel

De Vlaamse regering heeft in een voorontwerp van decreet op 18 september 2020 beslist dat het fiscaal voordeel verbonden aan het duolegaat vanaf  1  juli 2021 afgeschaft wordt. Tevens heeft deze regering beslist dat schenkingen en legaten aan goede doelen vanaf diezelfde datum belastingvrij worden in Vlaanderen en heeft zij een zogenaamde ‘vriendenerfenis’ in het leven geroepen.
24/12/2020

Fiscale vrijstellingen voor vier jaar in de vrieskast

De federale regering heeft in kader van de Covid-pandemie voorzien in de bevriezing van de indexering van enkele fiscale plafonds in de personenbelasting. Enkele belastingverminderingen en vrijstellingen zullen gedurende vier jaar onveranderd blijven. Dit zou wat meer overheidsbudget moeten vrijmaken om deze crisisperiode te doorstaan.
18/12/2020

(Nieuwe) Taks op effectenrekeningen

De Vivaldi-coalitie nam in haar regeerakkoord op dat ‘de overheid zal streven naar een eerlijke bijdrage van die personen die de grootste draagkracht hebben om bij te dragen, met respect voor het ondernemerschap’. Intussen werd hier reeds werk van gemaakt door de minister van Financiën, Vincent Van Peteghem, onder de vorm van een (nieuwe) taks op effectenrekeningen. Het maakt voorlopig weliswaar slechts een voorontwerp van wet uit.