Nieuwe minimumbezoldiging voor bedrijfsleiders – Welke strategie past u het best toe?

De hervorming van de vennootschapsbelasting, in werking getreden door de wet van 25 december 2017, bevat enkele gunstige wijzigingen. De meest in het oog springende is de daling van het tarief vennootschapsbelasting van 33,99% naar 29,58% in 2018 (crisisbijdrage inbegrepen).

Dit is niet alles, het tarief voor de kleine en middelgrote ondernemingen (KMO) wordt verder neerwaarts aangepast tot 20,40% (crisisbijdrage inbegrepen) op de eerste schijf van € 100.000 van het belastbaar resultaat. Dit verlaagd tarief zal enkel toegekend worden indien de vennootschap jaarlijks een minimale bruto bezoldiging uitkeert aan minstens één van haar bedrijfsleiders van € 45.000 (vroeger bedroeg deze grens € 36.000). Er wordt een uitzondering voorzien voor vennootschappen waarvan het belastbaar resultaat lager is dan € 45.000 voor aftrek van de vereiste minimumbezoldiging: voor deze vennootschappen volstaat dat de bezoldiging gelijk is aan de helft van dit belastbaar resultaat om toch te kunnen genieten van het verlaagd tarief.

Indien een vennootschap niet voldoet aan de minimumbezoldigingsvereiste zal deze niet kunnen genieten van het verlaagd tarief. Daarenboven zal zij een afzonderlijke aanslag dienen te betalen van 5,1% op het verschil tussen de vereiste en de daadwerkelijk uitbetaalde bezoldiging. Deze aanslag is wel aftrekbaar als beroepskost.

Om te bepalen of deze maatregel werkelijk voordelig is in een bepaald geval volstaat het de gevolgen van de loonsverhoging te analyseren. Dit zal alleszins zijn weerslag hebben op het vlak van de verkregen bezoldiging en op de uitkering van een eventueel hoger dividend.

1. Gevolgen op het vlak van de bezoldiging
 
  Bezoldiging van € 36.000 Bezoldiging van € 45.000
Sociale bijdragen € 6.301,32 € 7.876,65
Personenbelasting € 8.525,73 € 12.073,71
Netto bezoldiging verkregen door bedrijfsleider € 21.172,95 € 25.049,64
Netto voordeel door verhoging bezoldiging - € 3.876,69
 
De bedrijfsleider wiens bezoldiging werd verhoogd tot € 45.000 zal kunnen genieten van € 3.876,69 netto bijkomende bezoldiging.

2. Gevolg van de uitkering van een hoger dividend

Ter illustratie wordt uitgegaan van de hypothese dat een KMO een winst behaald van € 100.000 voor de uitkering van een bezoldiging. Deze wordt verhoogd van € 36.000 tot € 45.000.
 
Vennootschapsbelasting (AJ 2019) Normaal tarief Verlaagd tarief
Winst van de onderneming voor de uitkering van bezoldiging € 100.000 € 100.000
Bezoldiging bedrijfsleider € 36.000 € 45.000
5,1% afzonderlijke aanslag € 459 -
Belastbare winst € 63.541 € 55.000
Vennootschapsbelasting: 29,58%/20,40% € 18.795,43 € 11.220
Winst na belasting € 44.745,57 € 43.780
Roerende voorheffing (30%) € 13.423,67 € 13.134
Dividend verkregen door bedrijfsleider € 31.321,90 € 30.646
Opgelopen verlies door verhoging bezoldiging - - € 675,90
 
De bezoldiging van de bedrijfsleider werd verhoogd tot € 45.000 en zal naar schatting leiden tot € 675,90 minder inkomsten uit dividenden.

3. Conclusie

Ondanks de verlaging van het bedrag verkregen via dividend blijft de verhoging van de bezoldiging interessant voor een bedrijfsleider.

De wijziging staat de bedrijfsleider toe te genieten van een verhoging van het bedrag dat netto privé wordt ontvangen van € 3.200,79. Dit bedrag is het resultaat van de extra bezoldiging (€ 3.876,69) verminderd met het verlies van dividend (€ 675,90).

Aangezien elke situatie anders is, raden wij u aan ons te raadplegen zodat de gevolgen van een verhoging van uw bezoldiging kunnen worden nagegaan en de opportuniteiten die de wijzigingen kunnen creëren worden verduidelijkt.
 
Chloé Masse - Jurist bij Pareto
01/07/2020

Onze actie 'SAMEN'

We willen onze klanten danken die reeds aan deze actie hebben deelgenomen. Het doet ons plezier nieuwe klanten via jullie te mogen verwelkomen. Dankzij jullie inzet en het bijhorende succes zijn we blij te mogen meedelen dat we deze actie verderzetten.
30/06/2020

Vrijstelling van de gezinswoning in de erfbelasting/successierechten in de drie gewesten

De gezinswoning of de ‘gezamenlijke hoofdverblijfplaats’ geniet een vrijstelling in de erfbelasting/successierechten in de drie Gewesten in ons land in hoofde van de langstlevende echtgenoot/partner. De voorwaarden en praktische uitwerking ervan verschillen echter in de verscheidene regio’s. 
26/06/2020

Aangifte personenbelasting aanslagjaar 2020: nieuwigheden en aandachtspunten

De deadline voor de indiening van de aangifte personenbelasting komt alweer dichterbij. Naar aanleiding hiervan informeren we u over de indieningstermijnen, geven we de nieuwigheden mee en wijzen we u op enkele aandachtspunten.