Taks op effectenrekeningen: wat mag u niet vergeten?


De wet houdende invoering van een taks op de effectenrekeningen is in werking getreden op 10 maart 2018. Deze ‘effectentaks’ voert een belasting in op vermogen dat wordt aangehouden onder de vorm van effecten.

De effectentaks heeft meer bepaald uitwerking op natuurlijke personen die één of meer effectenrekeningen aanhouden met een gemiddelde waarde hoger dan € 500.000. Het tarief bedraagt 0,15% en wordt berekend op de totale waarde van zodra de drempel wordt overschreden.

Volgende financiële instrumenten worden beoogd: aandelen, obligaties, kasbonnen, warrants, rechten van deelneming in gemeenschappelijke beleggingsfondsen, enz. Enkele activa worden vrijgesteld, zoals bijvoorbeeld pensioenspaarfondsen en tak 21- en tak 23-levensverzekeringen.

Hoe wordt de taks ingehouden?

In de praktijk zal de Belgische tussenpersoon (= de bank) de taks dienen in te houden wanneer een natuurlijk persoon titularis is van een effectenrekening die de drempel van € 500.000 overschrijdt.
Indien de titularis meerdere effectenrekeningen bezit bij verschillende financiële instellingen waarvan geen enkele € 500.000 overschrijdt, zal de taks niet automatisch worden ingehouden door de tussenpersoon. Nochtans is de taks wel degelijk verschuldigd wanneer de totale waarde van de effectenrekeningen meer dan € 500.000 bedraagt. In dat geval moet de titularis ofwel de bank vragen de taks in te houden (een zogenaamde “opt in”), ofwel zelf in de aangifte personenbelasting aangeven via het platform MyMinfin dat het totaal de taxatiedrempel overschrijdt.

Bij laattijdige, onnauwkeurige, onvolledige of niet-aangifte of laattijdige betaling van de taks kan een boete worden opgelegd van 10% tot 200% van de verschuldigde belasting. Bovendien zal de belastingbetaler een boete verschuldigd zijn gaande van € 750 tot € 1.250 indien verkeerde informatie wordt meegedeeld bij een fiscale controle door de Administratie.
 

Aangifte personenbelasting: enige veranderingen?

In principe dient u uw tegoeden op effectenrekeningen niet aan te geven in uw aangifte personenbelasting.

De fiscus moet mogelijke belastingschuldigen echter wel kunnen identificeren. Daarom moet de titularis van een effectenrekening deze vermelden in de aangifte door ‘ja’ aan te duiden bij code 1072/2072. Zodra ene persoon meerdere effectenrekeningen aanhoudt, zal deze code aangevinkt dienen te worden, zelfs indien geen taks verschuldigd is.
 

​Chloé Masse - Juriste bij Pareto
30/03/2021

Tijdelijke uitbreiding verlaagd btw-tarief voor afbraak en heropbouw

In 32 Belgische steden geldt er een verlaagd btw-tarief van 6% voor de afbraak en de daarop volgende heropbouw van een privéwoning. Sinds 1 januari 2021 is dit verlaagd btw-tarief uitgebreid tot het hele Belgische grondgebied. Het betreft een tijdelijke regeling die geldt tot en met 31 december 2022. Dit houdt in dat de btw opeisbaar moet geworden zijn (d.m.v. facturatie of betaling) tussen 1 januari 2021 en 31 december 2022, en uiterlijk op 31 december van het jaar van de eerste ingebruikneming. Dit vernieuwde en tijdelijke btw-regime is evenwel aan bijkomende voorwaarden onderworpen.
19/03/2021

Kaasroute onder vuur

Er is een wetsvoorstel ingediend om onbelaste roerende schenkingen via een Nederlandse notaris onmogelijk te maken.
16/02/2021

Belastingheffing op uw tweede verblijf in het buitenland

Als fiscaal inwoner van België wordt u belast op uw wereldwijde inkomsten, inclusief inkomsten uit onroerende goederen uit het buitenland. Wanneer er echter een dubbelbelastingverdrag bestaat tussen België en het land waar het onroerend goed is gelegen, zijn deze buitenlandse inkomsten vrijgesteld in België. Deze worden wel in rekening genomen om de tarieven te bepalen die van toepassing zijn op uw andere belastbare inkomsten. Dit is het zogenaamde "progressiviteitsreserve"-mechanisme.